Michiel de Wilde: van topsporter naar supporter

donderdag, 29 januari 2026 (14:59) - 3athlon.nl

In dit artikel:

Michiel de Wilde, jarenlang proftriatleet bekend als ‘The Wild One’, besloot in 2024 te stoppen met topzwemmen-fietsen-lopen nadat hij tijdens Ironman Klagenfurt letterlijk uitstapte. Waar zijn leven tot dan toe volledig draaide om trainen en presteren — triathlon was zijn identiteit, 24/7 — brak er tijdens die wedstrijd iets: overtraining, frustratie dat anderen in zijn wiel profiteerden en het wegvallen van plezier maakten dat hij aan de noodrem trok.

De weg naar triathlon begon voor De Wilde rond 2015 via roeien; al voor zijn achttiende liep hij een marathon in New York, een cadeau van zijn moeder. In de jaren erna groeide hij uit tot een gedreven prof die vooral sterk was op de fiets. Na Klagenfurt probeerde hij nog één keer een race (XL Gerardmér), waar hij ziek startte maar juist door die ervaring het plezier in de sport terugvond samen met zijn vriendin Caressa. Dat maakte zijn besluit definitief: competitief racen hoeft niet meer.

Hij werkt nu buiten de sport: De Wilde bouwde bij een ziekenhuis een nieuwe functie als fondsenwerver op, gericht op medische innovatie en beleidsontwikkeling. Die baan bevalt hem; hij zoekt echter nog een project waarin hij zich net zo kan vastbijten als vroeger in de triathlon. Het dagritme is veranderd: hij traint nog ongeveer tien uur per week puur omdat bewegen hem gelukkig maakt, maar zonder strakke schema’s en zonder de dwang tot maximaal presteren.

De rol in zijn persoonlijke leven kantelde van atleet naar supporter. Hij was aanwezig bij Caressa’s eerste marathon en fungeert als haas, klankbord en rem wanneer haar ambitie (ze wil ook pro worden) haar te fanatiek maakt. Hij ziet het verschil tussen prof- en amateurwereld duidelijk: als supporter ervaart hij nu de omvang en betrokkenheid van Age Groupers — amateurs met hun eigen verhalen — wat hem liet beseffen dat triathlon veel meer is dan alleen de profwedstrijden.

Terugkijkend heeft De Wilde spijt van zijn alles-of-niets-aanpak. Hij erkent dat rust en betere sturing door een coach hadden geholpen om overtraining te voorkomen. Een goede coach moet volgens hem niet eigen doelen najagen maar in staat zijn vermoeidheid en verborgen problemen te herkennen en bij te sturen. Met de kennis van nu had hij zichzelf meer ontspanning gegund en meer van het leven genoten tijdens zijn carrière.

Fysiek is hij minder gespierd dan toen hij prof was, maar hij voelt zich uitgeruster en energieker. Sociaal gezien heeft zijn leven zich verruimd: waar vroeger alles gepland was rond trainingen, gaat hij nu vaker met vrienden naar een concert of mountainbiketochten en geniet hij van sociale momenten die voorheen miste. De euforie van een finishmoment mist hij soms nog, maar hij vindt vergelijkbare voldoening in andere ervaringen — zoals een feestelijke mountainbikedag met vrienden.

Voor de toekomst is hij zoekend: hij wil werk doen waar hij impact kan maken en waar lange-termijnprojecten hem uitdagen. Terugkeren als Age Grouper wil hij niet; een terugkeer naar professioneel racen staat onzeker en, hoewel hij af en toe nog wielrenwedstrijden rijdt, waarschuwt hij zichzelf voor de valkuil van opnieuw té fanatiek worden. Uiteindelijk lijkt hij gelukkiger met minder stress en meer balans — een harde les over grenzen, plezier en wat succes echt betekent.