Els Visser over einde topsportcarrière: 'Geen behoefte meer om zware trainingen te doen'
In dit artikel:
Els Visser, die relatief laat met triathlon begon maar de afgelopen acht jaar als profatlete naam maakte, heeft definitief een punt gezet achter haar topsportcarrière. In december liet ze weten te stoppen; het besluit kwam niet voort uit tegenzin of gebrek aan kansen — ze had nog een sterk team om zich heen — maar vooral uit het besef dat er meer te doen valt buiten de sport. “Ik heb er helemaal vrede mee,” zegt ze over haar keuze.
Visser boekte een imposant palmares: overwinningen op Ironman-wedstrijden (onder meer Ironman Maastricht 2018 en Ironman Nieuw-Zeeland 2023), podiumplaatsen zoals de derde plek bij Challenge Roth, twee top-20-finishes op het WK in Kona en titels als Europees Kampioen Long Distance en nationale kampioenschappen op Long en Middle Distance. Een bijzonder prestatiemoment was vorig jaar de opmerkelijke week waarin ze eerst derde werd bij Challenge Roth — in een nieuwe Nederlandse tijd — en enkele dagen later tweede bij Ironman Vitoria-Gasteiz.
De beslissing om te stoppen kwam geleidelijk. Coach Brett Sutton, die al twee jaar aanraadde verder te kijken dan triathlon, speelde een belangrijke rol. Met haar medische achtergrond (Visser is arts) zag ze perspectief op een maatschappelijke carrière en besloot ze eind 2024 nog één seizoen mee te draaien. Dat seizoen werd verstoord door een lang slepende blessure; ze werd in Almere nog wel tweede op het Europees Kampioenschap Long Distance, maar moest hogerop in Kona verstek laten gaan.
Visser wil zich nu richten op publieke gezondheid, preventie en vroegdiagnostiek, met bijzondere aandacht voor de jonge en ogenschijnlijk gezonde populatie. Ze overweegt een eigen initiatief buiten de reguliere zorg: een kliniek die mensen snel diagnosticeert en zo gerichter preventief onderzoek mogelijk maakt — bijvoorbeeld vroeg signaleren van erfelijke aanleg voor darmkanker, zodat ingrijpen niet pas op latere leeftijd plaatsvindt.
De overstap naar een leven zonder intensieve trainingsuren verloopt soepel; ze ervaart plots veel langere dagen en meer sociaal contact. Sport blijft, maar zonder prestatiedruk: zwemmen en lopen doet ze nog voor plezier, niet om zichzelf te pushen. Terugkijkend noemt ze het topsportleven zowel veeleisend als verrijkend: reizen, gastgezinnen en culturen maakten de beperkte, trainingsgerichte wereld juist rijker. Ze erkent ook fouten — overtraining en bijna een burn-out tijdens de coronaperiode in Australië, en geleerdheidsmomenten rond contracten en samenwerkingen — en ziet die als waardevolle lessen.
Visser sluit de deur naar competitieve sport definitief: meedoen als Age Grouper ziet ze niet zitten; hooguit af en toe een hardloopwedstrijdje. Het verhaal van Visser is er een van topsportieve hoogtepunten, bewust loslaten en een duidelijke koers naar een medische en preventieve rol in de samenleving.